Meise

Zitting van 21 01 2025

Van 22.20 uur tot 22.46

Aanwezig:

Ann Van den Broeck, voorzitter;

Gerda Van den Brande, Aangewezen-burgemeester;

Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe en Diana Tierens, schepenen;

Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Billie Kawende, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt en Sofie Van Assche, raadsleden;

Caroline De Ridder, algemeen directeur.

Verontschuldigd:

Roger Heyvaert, Jorn Lathouwers, Ruben Algaba en Griet Van Den Brande, raadsleden;

 

raadslid Sofie Van Assche verlaat de vergadering vanaf punt 12.

raadslid Sofie Van Assche vervoegt de vergadering vanaf punt 13.

 

Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Goedkeuring notulen

BESLUIT

De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de notulen van de raad voor maatschappelijk welzijn van 18 november 2024 goed.

Met 23 stemmen voor (Gerda Van den Brande, Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Ann Van den Broeck, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Billie Kawende, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt en Sofie Van Assche)

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Goedkeuring van de afsprakennota tussen het managementteam en de bestuursorganen

MOTIVERING

Feiten en context

Artikel 171 van het decreet over het lokaal bestuur bepaalt dat ten minste na iedere volledige vernieuwing van de gemeenteraad de algemeen directeur mede namens het managementteam een afsprakennota met het college van burgemeester en schepenen, met de burgemeester, met het vast bureau, met de voorzitter van het vast bureau, met het bijzonder comité voor de sociale dienst en met de voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst sluit (hierna genoemd: de bestuursorganen) over de wijze waarop de algemeen directeur en de overige leden van het managementteam met de bestuursorganen samenwerken om de beleidsdoelstellingen te realiseren, en over de omgangsvormen tussen bestuur en administratie.

In de afsprakennota wordt bepaald op welke wijze de algemeen directeur de bevoegdheden uitoefent die aan haar zijn gedelegeerd door het college van burgemeester en schepenen.

Juridische gronden

Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 171.

Advies/argumentatie

De voorgestelde afsprakennota is gebaseerd op de vorige afsprakennota, goedgekeurd in de raad voor maatschappelijk welzijn van 16 september 2019. Het managementteam heeft de vorige afsprakennota geëvalueerd en enkele wijzigingen en aanpassingen aangebracht. Het voorstel werd finaal goedgekeurd door het managementteam in zitting van 11 december 2024.

De afsprakennota bevat afspraken over de samenwerking tussen de bestuursorganen en de personeelsleden van gemeente en OCMW Meise vanaf heden tot het einde van de legislatuur.

Teneinde een goede samenwerking te realiseren, is het aangewezen dat éénieder zich aan de gemaakte afspraken houdt.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

Artikel 1

De afsprakennota tussen de bestuursorganen en het managementteam, zoals opgenomen in de bijlage, wordt goedgekeurd.

Artikel 2

Het personeel over deze afsprakennota in te lichten en hen een exemplaar te bezorgen.

Met 23 stemmen voor (Gerda Van den Brande, Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Ann Van den Broeck, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Billie Kawende, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt en Sofie Van Assche)

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Vaststelling van het huishoudelijk reglement voor de werking van de raad voor maatschappelijk welzijn

MOTIVERING

Feiten en context

De raad voor maatschappelijk welzijn dient bij aanvang van de zittingsperiode een huishoudelijk reglement vast te stellen waarin aanvullende maatregelen worden opgenomen voor de werking van de raad en waarin minstens bepalingen worden opgenomen over:

 de vergaderingen waarvoor presentiegeld wordt verleend, het bedrag van het presentiegeld en de nadere regels voor de eventuele terugbetaling van specifieke kosten die verband houden met de uitoefening van het mandaat van raadslid of lid van het vast bureau;
2° de wijze van verzending van de oproeping en de terbeschikkingstelling van het dossier aan de raadsleden, alsook de wijze waarop de algemeen directeur of de door haar aangewezen personeelsleden, aan de raadsleden die erom verzoeken, technische inlichtingen verstrekken over die stukken;
3° de wijze waarop de plaats, de dag, het tijdstip en de agenda van de vergaderingen van de raad voor maatschappelijk welzijn openbaar worden gemaakt;
4° de voorwaarden voor het inzagerecht en het recht van afschrift voor raadsleden en de voorwaarden voor het bezoekrecht aan de instellingen en diensten die het OCMW opricht en beheert;
5° de voorwaarden waaronder de raadsleden hun recht uitoefenen om aan de voorzitter van het vast bureau en aan het vast bureau mondelinge en schriftelijke vragen te stellen;
6° de wijze van notulering en de wijze waarop de notulen en het zittingsverslag van de vorige vergadering ter beschikking worden gesteld van de raadsleden;
7° de wijze waarop en de persoon door wie de stukken van het OCMW, vermeld in artikel 279, worden ondertekend;
8° de wijze van het ter kennis brengen van de beslissingen, vermeld in artikel 50, vijfde lid;
9° de keuze om digitaal of hybride te vergaderen en de wijze waarop;
10° de uitzonderlijke omstandigheden waaronder de raad voor maatschappelijk welzijn digitaal kan vergaderen, als het huishoudelijk reglement de mogelijkheid van digitaal vergaderen opneemt;
12° de uitzonderlijke omstandigheden waaronder de raad voor maatschappelijk welzijn hybride kan vergaderen, als het huishoudelijk reglement de mogelijkheid van hybride vergaderen opneemt.

Juridische gronden

Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en latere wijzigingen, in het bijzonder artikelen 38 en 74.

Advies/argumentatie

Gunstig advies.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

Artikel 1

Het huishoudelijk reglement voor de werking van de raad voor maatschappelijk welzijn, zoals toegevoegd in bijlage, vast te stellen.

Artikel 2

Dit reglement wordt bekendgemaakt en treedt in werking overeenkomstig artikelen 286, 287 en 288 van het decreet lokaal bestuur. Het wordt overgemaakt aan de toezichthoudende overheid conform artikel 330 van het decreet lokaal bestuur.

Artikel 3

Het huishoudelijk reglement voor de werking van de raad voor maatschappelijk welzijn, zoals laatst vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn in zitting van 20 december 2021, wordt opgeheven bij de inwerkingtreding van dit reglement.

Met 23 stemmen voor (Gerda Van den Brande, Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Ann Van den Broeck, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Billie Kawende, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt en Sofie Van Assche)

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Princiepsbeslissing jobstudenten 2025

MOTIVERING

Feiten en context

Een jobstudent kan 475 uren per jaar worden tewerkgesteld met toepassing van een solidariteitsbijdrage.

FOD WASO stelt dat er een onverenigheid is tussen enerzijds het statuut van student en anderzijds het statuut van werkzoekende wat betekent dat een vrije werkzoekende die ingeschreven is bij de VDAB niet als student kan tewerkgesteld worden. De RSZ staat wel toe dat studenten die afgestudeerd zijn en nog niet ingeschreven zijn bij de VDAB tijdens de maanden juli, augustus en september vakantiewerk verrichten.

De dienst logistiek/verpleging/verzorging van het woonzorgcentrum en het dienstencentrum zal het hele jaar 2025, vooral tijdens het weekend, jobstudenten tewerkstellen.

Tijdens de vakantiemaanden juli, augustus en september 2025 zullen er ook in andere diensten van het OCMW Meise jobstudenten worden aangesteld omwille van het verlenen van de wettelijke jaarlijkse vakantie aan de medewerkers.

De jobstudenten worden tewerkgesteld met een studentenovereenkomst.

De weddeschaal moet worden vastgesteld.

Juridische gronden

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikelen 77 en 78 betreffende de bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn.

De wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten - Titel VII: De overeenkomst voor tewerkstelling van studenten.

De arbeidswet van 16 maart 1971.

De wet van 28 juli 2011 houdende maatregelen met het oog op de invoering van een solidariteitsbijdrage op de tewerkstelling van studenten die niet onderworpen zijn aan het stelsel van de sociale zekerheid.

Het koninklijk besluit van 13 december 2016 tot wijziging van artikel 17 bis van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders en tot wijziging van het koninklijk besluit van 5 november 2002 tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling, met toepassing van artikel 38 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels voor wat betreft de studentenarbeid en de flexi-jobs in de horecasector.

Het koninklijk besluit van 14 juli 1995 waarbij sommige categorieën studenten uit het toepassingsgebied van Titel VI van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten worden gesloten.

Het koninklijk besluit van 19 december 2022 tot wijziging van artikel 17bis van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, BS 27 december 2022.

De beslissing van de raad voor maatschappelijk welzijn van 15 januari 2024, houdende de vaststelling van de rechtspositieregeling voor de personeelsleden die ressorteren onder het woonzorgcentrum, het dienstencentrum, de serviceflats en het home.

De beslissing van de raad voor maatschappelijk welzijn in zitting van 15 januari 2024 houdende vaststelling van de rechtspositieregeling van toepassing op het gemeente- en OCMW personeel.

Het arbeidsreglement zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn in zitting van 20 mei 2019 en aangepast in de raadszittingen van 25 maart 2020, 22 februari 2021, 21 juni 2021, 20 december 2021, 25 april 2022, 21 juni 2022, 25 april 2022, 16 januari 2023 en 27 mei 2024.

De beslissing van het vast bureau van 31 januari 2022 houdende delegatie aanstellingsbevoegdheid jobstudenten.

Advies/argumentatie

Om de continuïteit en de kwaliteit van de dienstverlening te garanderen, is het aangewezen om jobstudenten aan te stellen. In geval er meerdere kandidaten zijn, worden kandidaten weerhouden op basis van volgende ordeningscriteria:

        leeftijd;

        positieve beoordeling van een eerdere tewerkstelling bij lokaal bestuur Meise als jobstudent;

        bloed- en of aanverwanten van personeelsleden;

        ervaring;

        opleiding.

Jobstudenten die eerder een negatieve beoordeling kregen, worden niet meer aangesteld.

Financiële gevolgen

De financieel directeur dient de financiële haalbaarheid aan te tonen.

BESLUIT

Artikel 1

        Voor de dienst logistiek/verzorging/verpleging van het woonzorgcentrum voor 1000u jobstudenten in barema 8 (logistiek medewerker) en barema 11 (verzorging) van de IFIC-schalen en barema 14 of 14B (verpleging) van de IFIC-schalen te werk te stellen.

        Voor de dienst onderhoud van het woonzorgcentrum voor 494u jobstudenten in barema 4 van de IFIC-schalen te werk te stellen.

        Voor het dienstencentrum/polyvalente ruimte voor 670u jobstudenten in de E-schaal aan te stellen en 335u jobstudenten als administratieve ondersteuning in het dienstencentrum (bediende);

        Voor de keuken voor 345u jobstudenten in de E-schaal aan te stellen;

        Voor de personeelsdienst voor 175u een jobstudent in de D-schaal aan te stellen in de maand juli of augustus.

Artikel 2

De jobstudenten aan te stellen met de toepassing van de solidariteitsbijdrage. De student een verklaring te laten ondertekenen (verklaring op eer) dat men op het moment van de tewerkstelling als student nog niet is ingeschreven bij de VDAB alsook dat men door het uitvoeren van de job de opgelegde maximumprestaties als jobstudent van 475 uur niet zal overschrijden.

Artikel 3

De minimumleeftijd en voorwaarden worden als volgt vastgesteld:

        onderhoud/logistiek: 17 jaar zijn of worden in het jaar van tewerkstelling;

        keuken: 18 jaar zijn of worden in het jaar van tewerkstelling;

        dienstencentrum/polyvalente ruimte: 18 jaar zijn of worden in het jaar van tewerkstelling;

        verpleging / verzorging: 18 jaar zijn of worden in het jaar van tewerkstelling, studierichting personenzorg, bejaardenhulp of verpleegkundige;

        personeelsdienst: 18 jaar zijn of worden in het jaar van tewerkstelling.

Artikel 4

De bezoldiging wordt voor de jobstudenten vastgesteld op basis van de door de raad voor maatschappelijk welzijn vastgestelde barema's zoals voorzien in de rechtspositieregelingen van het OCMW-personeel en zoals hieronder opgenomen:

        De jobstudenten tewerkgesteld in de keuken en het dienstencentrum ontvangen een loon volgens schaalnummer E1 met 0 jaren geldelijke anciënniteit, zonder haard- of standplaatsvergoeding.

        De jobstudenten tewerkgesteld voor het onderhoud ontvangen een loon volgens IFIC barema 4 met 0 jaren geldelijke anciënniteit, zonder haard- of standplaatsvergoeding.

        De jobstudenten tewerkgesteld als logistiek medewerker ontvangen een loon volgens IFIC barema 8 met 0 jaren geldelijke anciënniteit, zonder haard- of standplaatsvergoeding.

        De jobstudenten tewerkgesteld als verzorgende ontvangen een loon volgens IFIC barema 11 met 0 jaren geldelijke anciënniteit, zonder haard- of standplaatsvergoeding.

        De jobstudenten tewerkgesteld als verpleging ontvangen een loon volgens IFIC barema 14 of 14B met 0 jaren geldelijke anciënniteit, zonder haard- of standplaatsvergoeding.

        De jobstudenten tewerkgesteld op de personeelsdienst ontvangen een loon volgens schaalnummer D1 met 0 jaren geldelijke anciënniteit, zonder haard- of standplaatsvergoeding.

        Jobstudenten die onregelmatige prestaties verrichten, krijgen hiervoor de toeslagen betaald zoals beschreven in de rechtspositieregeling op hen van toepassing. Deze bedragen dienen gekoppeld te worden aan spilindex 138,01.

Deze vergoedingen zullen automatisch aangepast worden aan de weddeschaalherzieningen en indexaanpassingen, zoals deze van toepassing zijn voor het overheidspersoneel.

Artikel 5

De individuele aanstelling van de jobstudenten zal gebeuren door de algemeen directeur. In geval er meerdere kandidaten zijn, worden kandidaten weerhouden op basis van volgende ordeningscriteria:

        leeftijd;

        positieve beoordeling van een eerdere tewerkstelling bij lokaal bestuur Meise als jobstudent;

        bloed- en of aanverwanten van personeelsleden;

        ervaring;

        opleiding.

Jobstudenten die eerder een negatieve beoordeling kregen, worden in de toekomst niet meer aangesteld.


Artikel 6

Een oproep zal gebeuren door een bericht omhoog te hangen in de verschillende locaties en door publicatie op de communicatiekanalen van lokaal bestuur Meise.

Met 23 stemmen voor (Gerda Van den Brande, Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Ann Van den Broeck, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Billie Kawende, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt en Sofie Van Assche)

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Financiële kwartaalrapportering 2024/3

MOTIVERING

Feiten en context

Overeenkomstig het decreet Lokaal Bestuur, artikel 177, rapporteert de financieel directeur aan de algemeen directeur, het college en de gemeenteraad, het vast bureau en de raad voor maatschappelijk welzijn over de thesaurietoestand, de liquiditeitsprognose, de beheerscontrole en de evolutie van de budgetten; en de financiële risico's.

Overeenkomstig de beslissing van de raad van 17 januari 2022 inzake vaststelling van het begrip "dagelijks bestuur" moet het vast bureau op regelmatige basis rapporteren aan de raad voor maatschappelijk welzijn over de gedelegeerde bevoegdheden inzake daden van beheer, daden van beschikking, het aangaan van leningen en de interne kredietaanpassingen.

De rapportering over het derde kwartaal 2024 moet voor kennisname aan de raad worden voorgelegd.

Juridische gronden

Het decreet Lokaal bestuur, inzonderheid artikel 78, 9° en artikel 177.

Beslissing van de raad voor maatschappelijk welzijn van 17 januari 2022 inzake vaststelling van de definitie van het begrip "dagelijks bestuur" en bevoegdheidsbepaling voor daden van beheer, daden van beschikking, het aangaan van leningen en de goedkeuring van interne kredietaanpassingen.

Advies/argumentatie

Gunstig advies.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

Artikel 1

De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de financiële rapportering over het derde kwartaal 2024, zoals in bijlage toegevoegd.

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Jaarrekening 2023: kennisname goedkeuring door de gouverneur

MOTIVERING

Feiten en context

De jaarrekening 2023 werd goedgekeurd door de raad voor maatschappelijk welzijn in zitting van 24 juni 2024 en overgemaakt aan het Agentschap Binnenlands Bestuur in het kader van het bestuurlijk toezicht.

Op 8 november 2024 ontvingen wij een schrijven van het Agentschap Binnenlands Bestuur met de mededeling dat de jaarrekening 2023 door de gouverneur werd goedgekeurd mits een aantal technische bemerkingen.

Dit besluit van de gouverneur en de formele vaststelling moeten ter kennisname gebracht worden op de eerstvolgende vergadering van de raad.

Juridische gronden

Het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 332, §1, derde lid.

Advies/argumentatie

Gunstig advies.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

BESLUIT

De raad voor maatschappelijk neemt kennis van het besluit van de waarnemend gouverneur en de formele vaststelling van de jaarrekening 2023.

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Beëindiging van de beheersovereenkomst voor de coördinator burger en welzijn

MOTIVERING

Feiten en context

In OCMW-raadszitting van 3 december 2024 werden de leden van het bijzonder comité voor de sociale dienst (BCSD) aangeduid.
Het BCSD is bevoegd voor de beslissingen over de toekenning, terugvordering, herziening en schorsing van individuele steun op het vlak van de maatschappelijke dienstverlening en de maatschappelijke integratie.

In de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn van 18 februari 2019 werd een beheersovereenkomst tussen de gemeente en het OCMW goedgekeurd waardoor het OCMW beroep zou doen op de expertise van de coördinator burger en welzijn voor volgende taken:

- Bijwonen van het bijzonder comité voor de sociale dienst
- Ondertekenen van de notulen en de brieven van het bijzonder comité voor de sociale dienst
- Ondertekenen van brieven die de werking van de sociale dienst aanbelangen
- Nazicht van betaalopdrachten die betrekking hebben op de werking van de sociale dienst.

In de zittingen van de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn van 16 december 2019 werd de beheersovereenkomst betreffende de integratie van gemeente en OCMW Meise vastgesteld. In artikel 6 van deze beheersovereenkomst staat opgenomen dat de algemeen directeur haar beslissings- en ondertekeningsbevoegdheid voor zaken van de gemeente of het OCMW kan toevertrouwen aan personeelsleden van het andere bestuur, binnen de grenzen van het Decreet Lokaal Bestuur. In het bijzonder kan de algemeen directeur het bijwonen van de vergaderingen van het bijzonder comité voor de sociale dienst, het opstellen en het medeondertekenen van de notulen aan een personeelslid van de gemeente toevertrouwen.

Bij besluit van de algemeen directeur van 17 december 2024 werden de taken van:

- Bijwonen van het bijzonder comité voor de sociale dienst

- Ondertekenen van de notulen en de brieven van het bijzonder comité voor de sociale dienst

- Toezien op uitvoering van beslissingen

- Ondertekenen van brieven die de werking van de sociale dienst aanbelangen

- Nazicht van betaalopdrachten die betrekking hebben op de werking van de sociale dienst.

gedelegeerd aan de coördinator patrimonium en juridische zaken, mevrouw Ellen De Clerck.

Juridische gronden

Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en latere wijzigingen, in het bijzonder de artikelen 277 en 283.

Advies/argumentatie

Gezien de delegatie van de bevoegdheden die via de beheersovereenkomst van 18 februari 2019 werden toegewezen aan de coördinator burger en welzijn, thans werden gedelegeerd aan de coördinator patrimonium en juridische zaken, is het passend een einde te stellen aan de beheersovereenkomst van 18 februari 2019.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen. De loonkost van de coördinator patrimonium en juridische zaken wordt volledig gedragen door de gemeente.

BESLUIT

Artikel 1

De beheersovereenkomst tussen de gemeente en het OCMW waardoor het OCMW beroep zou doen op de expertise van de coördinator burger en welzijn voor een aantal taken inzake het bijzonder comité voor de sociale dienst, goedgekeurd door de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van 18 februari 2019, wordt beëindigd.

Met 23 stemmen voor (Gerda Van den Brande, Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Ann Van den Broeck, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Billie Kawende, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt en Sofie Van Assche)

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Sociale kruidenier 2025

MOTIVERING

Feiten en context

Het OCMW heeft reeds een jarenlange samenwerking met de sociale kruidenier Idem Dito te Vilvoorde (Mechelsesteenweg 55, 1800 Vilvoorde). Mensen kunnen er voeding bekomen mits ze aan bepaalde financiële voorwaarden voldoen. Vroeger gebeurde de toewijzing uitsluitend via de screeningswijze van het CAW. Sinds 1 januari 2021 moest deze screening van het CAW uitgevoerd worden door het OCMW omdat het CAW dit niet meer (financieel) kon bolwerken. Sinds 1 januari 2022 werd er toegestaan dat het OCMW zelf de screeningswijze mocht bepalen. De werkwijze van de andere, reeds bestaande, huishoudelijke reglementen van lokaal bestuur Meise werd overgenomen. Tot en met 31 december 2024 nam het CAW ook nog screeningen op zich volgens hun eigen werkwijze. Vanaf 1 januari 2025 zouden de screeningen uitsluitend gebeuren door het OCMW. We willen namelijk streven naar gelijkheid voor alle inwoners van de gemeente. Het CAW zal aan de huidige gebruikers die door hen werden gescreend, meedelen dat ze zich vanaf 1 januari 2025 moeten wenden tot het OCMW indien ze verder willen gebruik maken van de sociale kruidenier.

Juridische gronden

Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en latere wijzigingen.

Raadsbeslissing van 20 december 2021 houdende de goedkeuring van de samenwerking 2022 sociale kruidenier.

Raadsbeslissing van 20 december 2021 houdende de vaststelling van het reglement van de sociale kruidenier.

Raadsbeslissing van 5 december 2022 houdende de goedkeuring van de samenwerking 2023 sociale kruidenier.

Raadsbeslissing van 5 december 2022 houdende de vaststelling van het reglement van de sociale kruidenier.

Raadsbeslissing van 4 december 2023 houdende de goedkeuring van de samenwerking 2024 sociale kruidenier.

Advies/argumentatie

Het lokaal bestuur Meise wil meer inzetten op het basisrecht rond voedsel.

Concreet zal de maatschappelijk werker de bewijsstukken in het dossier verzamelen om te kunnen staven dat de persoon in kwestie voldoet aan de voorwaarden. Het volstaat om aan het BCSD enkel een oplijsting voor te leggen van de personen die recht openen op het gebruik van de sociale kruidenier. Er hoeft geen sociaal verslag opgemaakt te worden.

Financiële gevolgen

Het lokaal bestuur Meise betaalt aan het CAW een vaste wekelijkse bijdrage van € 7,00 per winkelbeurt per gezinslid/inwoner uit Meise, die effectief een “toegangskaart” ontving om te winkelen.

Het lokaal bestuur Meise betaalt de bijdrage, bij akkoord over de berekening, na ontvangst van de facturen die door het CAW worden opgemaakt en doorgestuurd begin januari van het daaropvolgende jaar.

Deze uitgaven werden voorzien onder exploitatiebudget OC/09000/64990000.

BESLUIT

Artikel 1

Bijgevoegde samenwerkingsovereenkomst met CAW Vilvoorde af te sluiten met ingang van 1 januari 2025. Deze loopt tot en met 31 december 2025 waarna er mogelijkheid is tot verlenging.

Met 23 stemmen voor (Gerda Van den Brande, Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Ann Van den Broeck, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Billie Kawende, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt en Sofie Van Assche)

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Principebeslissing LOI 2025

MOTIVERING

Feiten en context

Het OCMW moet kandidaat-vluchtelingen aan kledij helpen. In het verleden kregen alle LOI- bewoners twee keer per jaar € 125 per persoon om aan kledij te besteden en € 75 per persoon voor de aankoop van schoenen, wat op een totaal van € 200 per zes maanden komt. Na de aankoop moeten ze de kassatickets/betaalbewijzen inleveren. Dit is een principebeslissing die elk jaar wordt verlengd. Er wordt voorgesteld om deze werkwijze in 2025 verder te zetten.

Voor de andere opgelijste kosten moesten de bewoners tot en met 2019 wachten op een individuele beslissing van het BCSD. De kandidaat-vluchtelingen betaalden deze kosten eerst zelf van hun leefgeld. Het leefgeld bedraagt 67 euro per week. Door het wachten op een beslissing van het bijzonder comité voor de sociale dienst, voor zaken waar ze wettelijk recht op hebben en die betaald moesten worden, kwamen ze vaak in geldproblemen. Tijdens de audit van Fedasil in juni 2019 werd hierover een opmerking gemaakt.

Er werd in 2020, 2021, 2022, 2023 en 2024 door het bijzonder comité voor de sociale dienst een principebeslissing genomen over de desbetreffende kosten van de materiële hulp (m.n. vervoerskosten, schoolkosten Nederlandse les, identiteitsdocumenten, mutualiteitsbijdrage en ontspanningskosten). Deze kosten kunnen hieronder onmiddellijk uitbetaald worden, uiteraard als er wordt voldaan aan de gestelde voorwaarden. Er wordt voorgesteld om deze werkwijze in 2025 verder te zetten.

De bewoners van de lokale opvanginitiatieven dienen de uitgaven te bewijzen aan de hand van kassatickets/betaalbewijzen. Bij gebrek aan onvoldoende bewijs wordt er geen geld meer gegeven tot het bewijs geleverd wordt dat het budget gebruikt is om kleding en/of schoenen aan te kopen. Dit wordt geregeld door middel van een principebeslissing die één jaar geldig is.

Ook voor de andere kosten (vervoerskosten, schoolkosten Nederlandse les, identiteitsdocumenten, mutualiteitsbijdrage en ontspanningskosten) werd voor de bewoners van het lokaal opvanginitiatief sinds 2020 een principebeslissing genomen.

De schoolkosten van schoolgaande jeugd worden ook ten laste genomen, maar momenteel worden er geen plaatsen aan gezinnen aangeboden. Indien dit wijzigt, zal deze principebeslissing zo aangepast/gewijzigd worden.

Juridische gronden

De organieke Wet van 8 juli 1976 betreffende de Openbare Centra voor Maatschappelijk Welzijn en latere wijzigingen.

De Wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste neme van de steun verleend door de Openbare Centra voor Maatschappelijk Welzijn en alle daaropvolgende wijzigingen.

De Wet van 12 januari 1993 houdende het urgentieprogramma voor een meer solidaire samenleving en alle daaropvolgende wijzigingen.

Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en latere wijzigingen.

Het auditverslag van 4 juni 2019 van Fedasil.

De beslissing van het Bijzonder Comité voor de Sociale dienst van 17 december 2019 (voor 2020).

De beslissing van het Bijzonder Comité voor de Sociale dienst van 15 december 2020 (voor 2021).

De beslissing van het Bijzonder Comité voor de Sociale dienst van 4 januari 2022 (voor 2022).

De beslissing van het Bijzonder Comité voor de Sociale dienst van 8 november 2022 (voor 2023).

De beslissing van het Bijzonder Comité voor de Sociale dienst van 17 oktober 2023 (voor 2024).

De beslissing van het Bijzonder Comité voor de Sociale dienst van 19 november 2024 (voor 2025).

Advies/argumentatie

Het positief advies van het Bijzonder Comité voor de sociale dienst van 19 november 2024 om de principebeslissing te verlengen. Het betreft de jaarlijkse herziening van deze principebeslissing.

Financiële gevolgen

De uitbetalingen van deze kosten werden voorzien in de exploitatiebudgetten 2025 onder het beleidsitem 09040 Lokale Opvanginitiatieven.

BESLUIT

Artikel 1

De vervoerskosten (openbaar vervoer) voor de bewoners van het lokaal opvanginitiatief zullen worden vergoed wanneer het gaat om reductieabonnementen van De Lijn, vervoer naar de advocaat, vervoer naar ziekenhuizen, vervoer voor transitiedossiers, kosten naar aanleiding van de zoektocht naar een eigen woonst.

Artikel 2

De schoolkosten voor de Nederlandse les van de bewoners van het lokaal opvanginitiatief worden vergoed.

Artikel 3

De verblijfskaarten en attesten van immatriculatie voor de bewoners van het lokaal opvanginitiatief worden vergoed.

Artikel 4

De mutualiteitsbijdrage van de bewoners van het lokaal opvanginitiatief worden vergoed.

Artikel 5

Ontspanningskosten, met name lidmaatschap van culturele of sportverenigingen van de bewoners van het lokaal opvanginitiatief worden vergoed met een maximum van 150 euro per jaar.

Artikel 6

Alle bovenvermelde vergoedingen worden betaald aan de bewoners na voorlegging van betaalbewijzen of rechtstreeks aan een schuldeiser na voorlegging van een factuur.

Artikel 7

Aan de bewoners van het lokaal opvanginitiatief wordt tweemaal per jaar 200 euro toegekend (125 euro aan kledij en 75 euro aan schoenen), met een duurtijd van minimaal zes maanden tussen twee uitbetalingen.

Artikel 8

De bewoners van het lokaal opvanginitiatief dienen de betaalbewijzen van kledij en schoenen te bezorgen, anders wordt de tweede betaling niet uitgevoerd.

Artikel 9

Deze principebeslissing dient jaarlijks herzien te worden. De huidige beslissing loopt tot en met 31 december 2025.

Met 23 stemmen voor (Gerda Van den Brande, Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Ann Van den Broeck, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Billie Kawende, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt en Sofie Van Assche)

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Samenwerkingsovereenkomst Vlaamse Woonmaatschappij

MOTIVERING

Feiten en context

In het kader van de samenwerking tussen het OCMW en het Vlaamse Woonanker (HVW) dient er een protocol voor de uitwisseling van gegevens te worden voorgelegd.

Dit protocol maakt het mogelijk om gegevens m.b.t. bewoners van het patrimonium van HVW uit te wisselen met het OCMW indien dit noodzakelijk is.

HVW zorgt, gelet op het Besluit Vlaamse Codex Wonen (art. 6.35), voor het uitvoeren van de basisbegeleidingstaken. In het verzorgen van deze basisbegeleidingstaken is het samenwerken met en doorverwijzen naar het OCMW in bepaalde omstandigheden noodzakelijk. De persoonsgegevens die in het kader van deze basisbegeleidingstaken worden uitgewisseld, vormen het voorwerp van dit protocol.

De wetgeving voorziet tevens in de mogelijkheid tot het opstellen van een begeleidingsovereenkomst voor kandidaat-huurders die nood hebben aan begeleidende maatregelen bij de toewijzing van een sociale woning, bij de versnelde toewijzing van een sociale woning of aan bepaalde welzijnsdoelgroepen (daklozen, personen met een geestelijk gezondheidsprobleem en jongeren die zelfstandig gaan wonen) of huurders die begeleiding nodig hebben die de basisbegeleiding overstijgt. Als huurders hun verplichtingen niet nakomen, kan de sociale verhuurder de huurders doorverwijzen naar een welzijns- of gezondheidsvoorziening ter voorkoming van uithuiszetting. Verder dient er een terugkoppeling van het dossier plaats te vinden tussen de welzijns- of gezondheidsvoorziening en de verhuurder. Het gaat hier over kandidaat-huurders en huurders zoals bepaald in de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021. De persoonsgegevens die in het kader van deze begeleiding worden uitgewisseld, vormen eveneens het voorwerp van dit protocol.

Bovendien, wanneer HVW de huurovereenkomst wil opzeggen wegens een ernstige of blijvende tekortkoming zoals vermeld in artikel 6.33, §1, 2° Vlaamse Codex Wonen van 2021 in hoofde van de huurder, moet de woonmaatschappij voorafgaand het OCMW verwittigen. Het gaat hier over huurders zoals bepaald in de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021. De persoonsgegevens die bij deze voorafgaande verwittiging worden uitgewisseld, vormen tevens het voorwerp van dit protocol.

De partijen wensen overeenkomstig artikel 8, §1, van het decreet van 18 juli 2008 betreffende het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer een protocol te sluiten met betrekking tot de elektronische mededeling van persoonsgegevens. 

Daarnaast is het ook nodig om een samenwerkingsovereenkomst en een verwerkingsovereenkomst af te sluiten voor het uitwisselen van persoonsgegevens van (potentiële) kandidaat-huurders van een sociale woning in het kader van de actualisatie van het Centraal Inschrijvingsregister (hierna CIR). Sinds 1 januari 2024 worden de persoonsgegevens van de kandidaat-huurders opgenomen in het CIR. Diegenen die op de wachtlijst staan voor een sociale woning moeten hun dossier jaarlijks bevestigen en actualiseren bij de bevoegde woonmaatschappij, zo niet verliezen zij hun plaats op de wachtlijst. Een eerste actualisatie dient te gebeuren voor 31 december 2024 om in aanmerking te blijven voor een sociale woning. OCMW Meise wenst HVW te ondersteunen zodat kandidaat-huurders binnen de voorziene termijn hun aanvraag voor een sociale woning bevestigd en/of geactualiseerd hebben in het CIR. Hiervoor is het noodzakelijk dat HVW de gegevens van de kandidaat-huurders met domicilie-adres in Meise en die nog niet geactualiseerd zijn, doorgeeft aan OCMW Meise, zodoende dat deze met deze kandidaat-huurders contact kan opnemen.

Juridische gronden

Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder de bepalingen van de artikelen 77 en 78 met betrekking tot de bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn.

Advies/argumentatie

Gunstig advies

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

Artikel 1

De samenwerkingsovereenkomst tussen OCMW Meise en de Vlaamse Woonmaatschappij inzake de verwerking van persoonsgegevens in functie van het centraal inschrijvingsregister (CIR) wordt goedgekeurd.

Artikel 2

De verwerkersovereenkomst tussen OCMW Meise en de Vlaamse Woonmaatschappij inzake de verwerking van persoonsgegevens in functie van het centraal inschrijvingsregister (CIR) wordt goedgekeurd.

Artikel 3

De voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en de algemeen directeur worden gemachtigd de overeenkomsten te ondertekenen.

Met 23 stemmen voor (Gerda Van den Brande, Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Ann Van den Broeck, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Billie Kawende, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt en Sofie Van Assche)

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Kennisname van de aanduiding van plaatsvervangers in het bijzonder comité voor de sociale dienst

MOTIVERING

Feiten en context

Conform artikel 44 van het huishoudelijk reglement voor de werking van de raad voor maatschappelijk welzijn, kunnen er plaatsvervangers worden aangeduid die de effectieve leden van het bijzonder comité voor de sociale dienst vervangen als die afwezig zijn.

Deze plaatsvervangers moeten lid zijn van de OCMW-raad en worden aangewezen door een meerderheid van de leden van de raad die de voordrachtsakte hebben ondertekend van het effectieve lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst.

De aanduiding van de plaatsvervangers gebeurt door per lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst een ondertekende verklaring tegen ontvangstbewijs af te geven aan de algemeen directeur. De algemeen directeur zorgt voor de kennisgeving hiervan op de eerstvolgende OCMW-raad.

Namens N-VA werd op 12 december 2024 een verklaring afgegeven waarbij Ann Van den Broeck en Fré Maes worden aangeduid als plaatsvervangers voor Viviane Stevens, Karin de Petter en Werner Van Der Jeugt.

Juridische gronden

Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en latere wijzigingen, in het bijzonder artikelen 77 en 78 betreffende de bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn.

Advies/argumentatie

Gunstig advies.

Financiële gevolgen

De plaatsvervangers ontvangen een presentiegeld zoals bepaald in  het huishoudelijk reglement voor de werking van de raad voor maatschappelijk welzijn.

BESLUIT

Enig artikel

Ann Van den Broeck en Fré Maes worden aangeduid als plaatsvervangers van Viviane Stevens, Karin de Petter en Werner Van Der Jeugt in het bijzonder comité voor de sociale dienst.

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Wijzigen van opnameovereenkomst voor vast verblijf

MOTIVERING

Feiten en context

Bewoners die definitief opgenomen worden in het woonzorgcentrum Residentie Van Horick of hun vertegenwoordigers dienen wettelijk een schriftelijke opnameovereenkomst te ondertekenen. Aangezien de wetgeving met betrekking tot het indexeren van de dagprijs wijzigde, dient de opnameovereenkomst te worden aangepast.

In de huidige overeenkomst staat de volgende zin vermeld:

        2.1 Vaststelling van de dagprijs: Deze prijs wordt jaarlijks geïndexeerd in de maand oktober.

Bovenstaande zin dient te worden aangepast als volgt:

        2.1 Vaststelling van de dagprijs: De dagprijs kan steeds geïndexeerd worden bij overschrijding van de spilindex.

Juridische gronden

De raadsbeslissing van 11 mei 2011 houdende vaststelling van de schriftelijke opnameovereenkomst voor Residentie Van Horick zoals laatst gewijzigd in de raadszitting van 17 april 2023.

Woonzorgdecreet van 15 februari 2019, bijlage 11, artikel 12.

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen in het bijzonder artikelen 77 en 78 betreffende de bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn.

Besluit van de Vlaamse Regering van 21 juni 2024 tot wijzigen van het ministerieel besluit van 12 augustus 2005 houdende bijzondere bepalingen inzake prijzen voor de sector van de instellingen voor bejaardenopvang, wat betreft prijsindexeringen.

Advies/argumentatie

Gunstig advies om de bepalingen van de schriftelijke opnameovereenkomst aan te passen aan de bepalingen van het vernieuwde dagprijsbeleid.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

Artikel 1

De wijziging aan de overeenkomst voor opname vast verblijf tussen de bewoner of vertegenwoordiger en Residentie Van Horick, zoals toegevoegd in bijlage (de rood gearceerde tekst wordt verwijderd, de groen gearceerde tekst wordt toegevoegd), goed te keuren.

Met 20 stemmen voor (Gerda Van den Brande, Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Thomas Goethals, Ann Van den Broeck, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts en Ingrid De Bondt), 2 onthoudingen (Roel Anciaux en Billie Kawende)

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Welzijnskoepel West-Brabant - aanduiding deskundige

MOTIVERING

Feiten en context

Het OCMW Meise is deelgenoot van de Welzijnskoepel West-Brabant (welzijnsvereniging).

Zoals bepaald in de statuten en het huishoudelijk reglement van Welzijnskoepel West-Brabant kan elke deelgenoot een interne deskundige afvaardigen naar de algemene vergadering en de raad van bestuur mits goedkeuring door de algemene vergadering van de Welzijnskoepel West-Brabant.

Juridische gronden

Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De statuten van Welzijnskoepel West-Brabant, Art. 36.

Het huishoudelijke reglement van Welzijnskoepel West-Brabant, Art. 5.

Advies/argumentatie

Deze deskundige wordt afgevaardigd omwille van zijn/haar expertise in het domein van welzijn en zorg. De deskundigen hebben geen stemrecht. Zij kunnen enkel een advies uitbrengen. Zij doen dit voorafgaand aan de stemming en hun advies wordt opgenomen in de notulen van de vergadering.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

Artikel 1

De centrumleider (Lokaal dienstencentrum De Spil) wordt als deskundige aangeduid in de algemene vergadering en de raad van bestuur van Welzijnskoepel West-Brabant.

Artikel 2

Deze beslissing wordt in het kader van het bestuurlijk toezicht opgenomen in de besluitenlijst en overgemaakt aan het Toezicht via het digitaal loket.

Artikel 3

Een uittreksel van deze beslissing zal overgemaakt worden aan Welzijnskoepel West-Brabant.

Met 23 stemmen voor (Gerda Van den Brande, Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Ann Van den Broeck, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Billie Kawende, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt en Sofie Van Assche)

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Welzijnskoepel West-Brabant - aanduiding afgevaardigden

MOTIVERING

Feiten en context

Het OCMW Meise is deelgenoot van Welzijnskoepel West-Brabant (welzijnsvereniging).

Zoals bepaald in de statuten en het huishoudelijk reglement van de Welzijnskoepel West-Brabant kan het OCMW van Meise vier afgevaardigden van de OCMW-raad aanduiden om te zetelen in de algemene vergadering van de Welzijnskoepel West-Brabant.

Volgens de statuten van de Welzijnskoepel West-Brabant, goedgekeurd door de algemene vergadering op 24 juni 2024, in het bijzonder art. 16 §1, kunnen de deelgenoten in de algemene vergadering vertegenwoordigd worden door 4 afgevaardigden. Deze afgevaardigden dienen aangeduid te worden bij expliciete beslissing door de OCMW-raad, cfr. art. 484§1 DLB. De afgevaardigden dienen zelf lid te zijn van de eigen OCMW-raad.

Juridische gronden

Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 484.

De statuten van Welzijnskoepel West-Brabant.

Het huishoudelijk reglement van Welzijnskoepel West-Brabant.

Het besluit van de OCMW-raad van Meise van 17 december 2015 houdende het afsluiten van de samenwerkingsovereenkomst met de Welzijnskoepel West-Brabant.

Advies/argumentatie

Het aantal afgevaardigden is afhankelijk van het inwonersaantal op 1 januari 2024. Voor Meise betekent dit dat de OCMW-raad vier mandatarissen dient af te vaardigen.

De afgevaardigden dienen lid te zijn van de OCMW-raad.

De leden van de algemene vergadering ontvangen geen presentiegeld van Welzijnskoepel West-Brabant.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

Artikel 1

Volgende personen worden als afgevaardigde in de algemene vergadering van Welzijnskoepel West-Brabant aangeduid:

- Diana Tierens

- Sonja Becq

- Jos Emmerechts

- Ruben Algaba.

Artikel 2

Deze beslissing wordt in het kader van het bestuurlijk toezicht opgenomen in de besluitenlijst en overgemaakt aan het Toezicht via het digitaal loket.

Artikel 3

Een uittreksel van deze beslissing zal worden overgemaakt aan Welzijnskoepel West-Brabant.

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Poolstok - aanduiding vertegenwoordigers

MOTIVERING

Feiten en context

De mail van 3 december 2024 van Poolstok cvba, het Vlaams selectiecentrum voor het overheidspersoneel, met de vraag tot het aanduiden van een effectieve en plaatsvervangend vertegenwoordiger voor de algemene vergadering van Poolstok.

Juridische gronden

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikelen 77 en 78 betreffende de bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn.

Advies/argumentatie

De vertegenwoordiger mag deelnemen aan de beraadslagingen, brengt zijn stem uit en kan akten en beslissingen ondertekenen. Tevens wordt hij verkozen voor de volledige legislatuur.

De aanduiding van een plaatsvervangend vertegenwoordiger is geen verplichting, maar wordt wel aanbevolen.

De vertegenwoordiger kan een mandataris zijn, maar dit is geen verplichting.

De deelname aan de algemene vergadering is onbezoldigd.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

Artikel 1

Diana Tierens wordt aangeduid als effectief vertegenwoordiger in de algemene vergadering van Poolstok cvba.

Artikel 2

Sonja Becq wordt aangeduid als plaatsvervangend vertegenwoordiger in de algemene vergadering van Poolstok cvba.

Artikel 3

Poolstok cvba zal van deze beslissing in kennis worden gesteld.

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Overzicht punten

Zitting 21 01 2025

Toetreding lidmaatschap Creat Services dv

MOTIVERING

Feiten en context

Het OCMW Meise kan als openbare aankoper lid worden van Creat Services dv, Stropstraat 1, 9000 Gent; een dienstverlenende vereniging met als doel op te treden als aankoopcentrale.

Voor publieke actoren die niet als gemeente of stad te kwalificeren zijn, geldt de vaste inbreng van 5 aandelen voor één vierde te volstorten. Het lidmaatschap is dus een éénmalige kost zijnde € 1.250.

Vanaf de toetreding kan het OCMW Meise gebruik maken van de diensten die Creat Services dv levert op het vlak van overheidsopdrachten.

Juridische gronden

De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.

De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, in het bijzonder artikel 42, § 1, 1° a) (de goed te keuren uitgave excl. btw bereikt de drempel van € 143.000,00 niet), en in het bijzonder artikel 2, 6° en 7°a (de aanbestedende overheid verricht gecentraliseerde aankoopactiviteiten voor de verwerving van leveringen of diensten die bestemd zijn voor aanbesteders).

Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.

Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 90, 1°.

Het bestuursdecreet van 7 december 2018.

Advies/argumentatie

De aankoopdienst geeft een gunstig advies.

Het OCMW kan gebruik maken van hun volledige database aan overheidsopdrachten en hierdoor genieten van volgende voordelen:

        kostendaling door schaalvoordelen;

        tijdswinst;

        contractbeheer;

        gespecialiseerde aankopers;

        vooraf gekende prijzen en voorwaarden;

        autonoom beslissen voor elke opdracht.

Financiële gevolgen

Om te kunnen toetreden tot Creat Services dv, dienen wij als OCMW 5 aandelen te onderschrijven met een nominale waarde van € 1000/aandeel waarvan €25% moet volstort worden. Voor OCMW komt dit neer op een totaal van € 5.000(5 aandelen) waarvan € 1.250,00 onmiddellijk moet volstort worden.

 

Budgetsleutel

Acties

Beschikbaar budget

OC/2025/28110000/01110  - te volstorten aandelen intergemeentelijk samenwerkingsverband

/

 1.250,00(03/01/2025)

BESLUIT

Artikel 1

Met ingang van 22 januari 2025 toe te treden tot Creat Services dv, volgens de modaliteiten vastgelegd in de statuten van Creat Services dv en volgens het toetredingsdossier dat als bijlage aan onderhavig besluit wordt toegevoegd.

Artikel 2

Jos Emmerechts voor te dragen als lid van de algemene vergadering van Creat Services dv.   

Ruben Algaba voor te dragen als vervanger voor de algemene vergadering.

Artikel 3

Het formulier in bijlage, toetredingsdossier pagina 7, door de bevoegde mandaatdragers van het lokaal bestuur Meise te laten ondertekenen en de onderhavige beslissing aan Creat Services dv mee te delen.

Artikel 4

De volstorting van de aandelen zijn voorzien in het meerjarenplan onder budgetsleutel OC/2025/28110000/01110.

STEMMING OVER ARTIKELEN 1, 3 EN 4

Met 23 stemmen voor (Gerda Van den Brande, Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Jozef Emmerechts, Sonja Becq, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Ann Van den Broeck, Paul Van Doorslaer, Roel Baudewyns, Billie Kawende, Dany Geysels, Valère Lauwers, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt en Sofie Van Assche)

 

Publicatiedatum: 20/02/2025
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.