Meise

Zitting van 15 09 2026

Van 20.32 uur tot 20.36

Aanwezig:

Ilse Spooren, voorzitter;

Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe en Diana Tierens, schepenen;

Roger Heyvaert, Jozef Emmerechts, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Paul Van Doorslaer, Jorn Lathouwers, Dany Geysels, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt, Sofie Van Assche, Viviane Stevens, Peter Calluy en Caroline Aerts, raadsleden;

Caroline De Ridder, algemeen directeur.

Verontschuldigd:

Gerda Van den Brande, burgemeester;

Roel Baudewyns, Billie Kawende, Valère Lauwers en Karin De Petter, raadsleden;

 

 

 

Overzicht punten

Zitting 15 09 2026

Goedkeuring notulen

BESLUIT

De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de notulen van de raad voor maatschappelijk welzijn van 14 juli 2026 goed.

Met 22 stemmen voor (Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Roger Heyvaert, Jozef Emmerechts, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Paul Van Doorslaer, Jorn Lathouwers, Dany Geysels, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt, Sofie Van Assche, Viviane Stevens, Peter Calluy en Caroline Aerts)

 

Publicatiedatum: 21/10/2026
Overzicht punten

Zitting 15 09 2026

Vaststelling retributiereglement op het aanrekenen van administratiekosten bij de invordering van openstaande fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen

MOTIVERING

Feiten en context

Het lokaal bestuur wordt regelmatig geconfronteerd met het niet of laattijdig betalen van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen. 

De invorderingsprocedure vergt tal van resource en legt grote druk op de administratie. De fase van minnelijke invordering, met name het versturen van aanmaningen veroorzaakt administratieve kosten die moeten gedragen worden door de debiteur die in gebreke blijft.  De financieel directeur is ertoe gehouden om achterstallige schuldvorderingen desnoods gedwongen in te vorderen, vanuit zijn verantwoordelijkheid voor het debiteurenbeheer.

Een gedwongen invordering kan een dwangbevel/bevel tot betaling zijn of een invordering via de rechtbank. De kosten van deze betekening en eventuele vervolgstappen worden ook integraal verhaald op de nalatige debiteur.

Het is wenselijk om een uniforme procedure en tarief toe te passen voor zowel fiscale als niet-fiscale schuldvorderingen.

Voor de eerste aanmaning mogen geen kosten worden aangerekend. Voor de tweede aanmaning zal een administratieve kost van € 20,00 worden aangerekend.

Voor de opmaak van het dossier naar de deurwaarder/ externe partner wordt eveneens een administratiekost aangerekend.

Van deze retributie worden vrijgesteld: de facturen van sociale dienst (OCMW) en alle GAS-boetes.

Juridische gronden

De Grondwet , artikelen 170§4 en 173;

Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en latere wijzigingen, inzonderheid artikelen 40 §3, 41 °14 en 177;

Het gewijzigd decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen;  

Het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen van 13 april 2019, met uitzondering van de artikelen 43 tot en met 48;

Wet van 4 mei 2023 houdende invoeging van boek XIX van het Wetboek Economisch Recht "Minnelijke schulden van de consument";

De omzendbrief KB ABB 2026/2 van 20 maart 2026 betreffende de gemeentefiscaliteit;

Het raadsbesluit van 15 januari 2024 betreffende de vaststelling van het retributiereglement op het aanrekenen van administratiekosten bij openstaande fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen.

Advies/argumentatie

De niet-tijdige betaling van belastingen, retributies en facturen brengt extra administratieve prestaties en kosten met zich mee voor de gemeente.

Het is aangewezen deze kosten door te rekenen aan diegene die de factuur, belasting of retributie is verschuldigd.

Met de minnelijke invordering door een externe partner en/of de uitvaardiging van dwangbevelen naar aanleiding hiervan gaan ook kosten gepaard voor de gemeente.

Gunstig advies om het aangepaste retributiereglement vast te stellen.

Financiële gevolgen

Deze ontvangst is voorzien in het exploitatiebudget 2026 en volgende jaren van het meerjarenplan 2026-2031.

Budgetsleutel

Actie

Totaal budget

Beschikbaar budget

OC/2026/70400070/01110
Terugv vervolgingskosten (aanmaningskosten deurwaarder) + gerechtskosten OC

  //

€ 150,00

€ - 10,00 (19/06/2026)

BESLUIT

Artikel 1

Het aangepaste retributiereglement op het aanrekenen van administratiekosten bij de invordering van openstaande fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen, zoals toegevoegd in bijlage, vast te stellen.

Artikel 2

Het gecoördineerde reglement wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikelen 286 tot en met 287 van het decreet lokaal bestuur en wordt overgemaakt aan de toezichthoudende overheid conform artikel 330 van het decreet lokaal bestuur.

Artikel 3

Het retributiereglement op het aanrekenen van administratiekosten bij de invordering van openstaande fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen, zoals vastgesteld door de raad in zitting van 15 januari 2024, wordt opgeheven bij de inwerkingtreding van dit reglement.

Met 22 stemmen voor (Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Roger Heyvaert, Jozef Emmerechts, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Paul Van Doorslaer, Jorn Lathouwers, Dany Geysels, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt, Sofie Van Assche, Viviane Stevens, Peter Calluy en Caroline Aerts)

 

Publicatiedatum: 21/10/2026
Overzicht punten

Zitting 15 09 2026

Meerjarenplan 2026-2031: opvolgingsrapportering eerste semester 2026

MOTIVERING

Feiten en context

Het meerjarenplan 2026-2031 werd goedgekeurd door de raad voor maatschappelijk welzijn in zitting van 16 december 2025.

Overeenkomstig artikel 263 van het decreet Lokaal Bestuur moet vóór het einde van het derde kwartaal een opvolgingsrapportering over het eerste semester van het boekjaar ter kennisgeving voorgelegd worden aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.

Deze geïntegreerde opvolgingsrapportering (gemeente en OCMW samen) omvat een stand van zaken van de uitvoering van het meerjarenplan. Ze is niet zozeer gericht op de bewaking van de kredieten, maar wel op de uitvoering van de beleidsdoelstellingen.

Er zijn geen specifieke vormvereisten opgelegd voor deze rapportering, maar op basis van de regelgeving inzake de Beleids- en Beheerscyclus 2020 omvat deze minstens:

  1. een stand van zaken van de prioritaire acties of actieplannen van het meerjarenplan;
  2. een overzicht van de geraamde en de gerealiseerde ontvangsten en uitgaven voor het lopende jaar (overzicht volgens schema’s J1 en T2);
  3. in voorkomend geval, de wijzigingen in de assumpties die gekozen werden bij de opmaak van het meerjarenplan of de aanpassing ervan;
  4. in voorkomend geval, de wijzigingen in de financiële risico’s.

Juridische gronden

Artikel 77 §2 van het decreet lokaal bestuur: de raad voor maatschappelijk welzijn bepaalt het beleid van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn en kan daarvoor algemene regels vaststellen.

Artikel 78 4° van het decreet lokaal bestuur: de volgende bevoegdheden worden uitdrukkelijk aan de  raad voor maatschappelijk welzijn toevertrouwd: het vaststellen van de beleidsrapporten van de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn, vermeld in artikel 249.

Artikel 263 van het decreet lokaal bestuur: er wordt minstens voor het einde van het derde kwartaal een opvolgingsrapportering over het eerste semester van het boekjaar voorgelegd.

Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen deel 2 Titel 4 betreffende de beleids- en beheerscyclus van de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn.

Het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018  betreffende de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen, inzonderheid artikel 29.

Het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2023 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.

Het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen, inzonderheid artikel 5.

Het ministerieel besluit van 8 december 2023 tot wijziging van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.

Omzendbrief KBBJ/ABB 2025/1 van 18 juli 2025 betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus.

Beslissing van de raad van maatschappelijk welzijn van 16 december 2025 houdende vaststelling van de definitie van het begrip 'dagelijks bestuur' en bevoegdheidsbepaling voor daden van beheer, daden van beschikking, het aangaan van leningen en goedkeuring van de aanpassing van de ramingen.

Advies/argumentatie

Uiterlijk eind september 2026 moet het management aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn rapporteren over de uitvoering van het meerjarenplan. Deze rapportering heeft betrekking op het eerste semester van het lopende jaar.

Financiële gevolgen

Geen.

BESLUIT

Enig artikel

Kennis te nemen van de opvolgingsrapportering van het meerjarenplan met betrekking tot het eerste semester van 2026.

 

Publicatiedatum: 21/10/2026
Overzicht punten

Zitting 15 09 2026

Jaarrekening 2025: kennisname goedkeuring door het Agentschap Binnenlands Bestuur

MOTIVERING

Feiten en context

De jaarrekening 2025 werd goedgekeurd door de raad voor maatschappelijk welzijn in zitting van 19 mei 2026 en overgemaakt aan het Agentschap Binnenlands Bestuur in het kader van het bestuurlijk toezicht.

Op 4 augustus 2026 ontvingen wij een schrijven van het Agentschap Binnenlands Bestuur met de mededeling dat de jaarrekening 2025 door de gouverneur werd goedgekeurd mits een aantal technische bemerkingen.

Dit besluit van de gouverneur en de formele vaststelling moeten ter kennisname gebracht worden op de eerstvolgende vergadering van de raad.

Juridische gronden

Het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen over het lokaal bestuur en in het bijzonder de artikelen 260 tot en met 262.

Het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen, en in het bijzonder de artikelen 17 tot en met 26.

Het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2023 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.

Het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen, en in het bijzonder de artikelen 2 tot en met 4.

Het schrijven van 4/08/2026 betreffende de jaarrekening 2025. Dit dossier werd geregistreerd als LF-JRBBC-26.0071.

Advies/argumentatie

Gunstig advies.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

Enig artikel

De raad voor maatschappelijk neemt kennis van het besluit van het Agentschap Binnenlands Bestuur en de formele vaststelling van de jaarrekening 2025.

 

Publicatiedatum: 21/10/2026
Overzicht punten

Zitting 15 09 2026

Instappen raamovereenkomst Creat: Fietsleasing - juli 2026 OCMW-personeel (1/01/2027-30/06/2030) - Goedkeuring gunning

MOTIVERING

Feiten en context

Op 21 januari 2025 is het OCMW van Meise als openbaar aankoper lid geworden van Creat Services dv. Hierdoor kan het OCMW Meise te allen tijde toetreden tot alle raamovereenkomsten die bij hen op dat moment lopende zijn.

Om de fietslease voor de personeelsleden van het OCMW te kunnen garanderen, nu de huidige instap “Bedrijfsfietsen – juli 2023” afgelopen is, wensen wij opnieuw in te stappen in de vernieuwde raamovereenkomst “Fietsleasing – juli 2026”.

Creat Services dv treedt hierbij op als aankoopcentrale voor het OCMW Meise.

De uitgave voor de opdracht wordt geraamd op € 49 586,77 excl. btw of € 59 999,99 incl. 21% btw.

De aankoopdienst stelt voor om, rekening houdende met het voorgaande, in te stappen in de raamovereenkomst Creat: Fietsleasing – juli 2026, in de markt gezet door Creat Services dv en door hun gegund aan de meest economische en voordelige bieder (op basis van prijs), zijnde O2O Farmanstraat 40, 9000 Gent.

Juridische gronden

De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.

De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, in het bijzonder artikel 36, en in het bijzonder artikelen 2, 6° en 47 §2 die de aanbestedende overheden vrijstelt van de verplichting om zelf een plaatsingsprocedure te organiseren wanneer ze een beroep doen op een aankoopcentrale.

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikelen 77 en 78, betreffende de bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn.

Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.

Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.

Het bestuursdecreet van 7 december 2018.

Advies/argumentatie

De personeelsdienst verleent een gunstig advies.

Financiële gevolgen

De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het exploitatiebudget van 2026, op budgetcode 61308000/01120.

Een visum is vereist van de financieel directeur. De financieel directeur verleende visum op 19 augustus met nummer 2026566.

Budgetsleutel

Acties

Initieel budget

Beschikbaar budget

OC/2026/61308000/01120/Fietslease vergoeding O2O OC

//

€ 15 000,00

€ 0,00(26/08/2026)

BESLUIT

Artikel 1

Het dossier met nr. 2026542 en de raming voor de opdracht “Instappen raamovereenkomst Creat: Fietsleasing – juli 2026 OCMW-personeel (1/01/2027-30/06/2030)”; opgesteld door de aankoopdienst, worden goedgekeurd.  De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het dossier en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 49 586,77 excl. btw of € 59 999,99 incl. 21% btw.

Artikel 2

Er wordt kennis genomen van de omschrijving van de opdracht en technische bepalingen die terug te vinden zijn via volgende link: Fietsleasing - juli 2026

Artikel 3

Goedkeuring te verlenen om in te stappen in de raamovereenkomst van Creat: Fietsleasing – juli 2026, dat in de markt werd gezet door Creat Services dv en door hen werd gegund aan de meest economische en voordelige bieder (op basis van prijs), zijnde O2O Farmanstraat 40, 9000 Gent tegen de voorwaarden vermeld in de offerte van de inschrijver.

Artikel 4

De afname van het OCMW Meise dat zal geplaatst worden via bovenstaande raamovereenkomst tegen het maximum bestelbedrag van € 49 586,77 excl. btw of € 59 999,99 incl. 21% btw wordt goedgekeurd voor een looptijd van de raamovereenkomst. De termijn start vanaf 1 januari 2027 en loopt tot 30 juni 2030.

Artikel 5

De uitvoering moet gebeuren overeenkomstig de lastvoorwaarden vastgelegd in het dossier met nr. 2026542. Iedere afroep maakt deel uit van een aparte bestelling. Afname kan uitsluitend door het OCMW Meise.

Artikel 6

De betaling zal gebeuren met het krediet ingeschreven in het exploitatiebudget van 2026, op budgetcode OC/61308000/01120.

Met 22 stemmen voor (Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Roger Heyvaert, Jozef Emmerechts, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Paul Van Doorslaer, Jorn Lathouwers, Dany Geysels, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt, Sofie Van Assche, Viviane Stevens, Peter Calluy en Caroline Aerts)

 

Publicatiedatum: 21/10/2026
Overzicht punten

Zitting 15 09 2026

Verwerkersovereenkomst 3W plus Energie

MOTIVERING

Feiten en context

Het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021 legt de krijtlijnen vast voor de opdrachten van gemeenten inzake wonen.

Artikelen 2.14, 2.15 en 2.16 van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021 bevatten voor elk van de drie Vlaamse beleidsprioriteiten een aantal basisinitiatieven die in elke deelnemende gemeente moeten uitgevoerd worden.

Om deze beleidsprioriteiten te bereiken, wordt soms beroep gedaan op de diensten van het OCMW.

Voor het uitoefenen van voormelde verplichtingen, doet de gemeente beroep op de IGS Woonwinkel KLM/3Wplus Energie en is het noodzakelijk dat er in dat kader persoonsgegevens kunnen worden uitgewisseld.

De gemeenteraad keurde op 15 september 2025 de verdere deelname aan de interlokale vereniging “Woonwinkel KLM” goed.

In het kader van de samenwerking tussen het OCMW en 3Wplus Energie dient er een protocol voor de uitwisseling van gegevens te worden goedgekeurd.

Dit protocol maakt het mogelijk, in het kader van de organisatie van een Woonwinkel, om persoonsgegevens m.b.t. inwoners/eigenaars uit te wisselen met 3Wplus Energie indien dit noodzakelijk is. 

Juridische gronden

Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder de bepalingen van de artikelen 77 en 78 betreffende de bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn.

Vlaamse Codex Wonen 2021.

Het besluit van de Vlaamse Regering van 14 maart 2025 tot wijziging van het Besluit Vlaamse Codex van 2021, wat betreft het lokaal woonbeleid.

Advies/argumentatie

De DPO-verantwoordelijke voor het OCMW gaf een gunstig advies.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

Artikel 1

De verwerkersovereenkomst tussen OCMW Meise en 3Wplus Energie inzake de verwerking van persoonsgegevens in kader van de samenwerkingsovereenkomst wordt goedgekeurd.

Artikel 2

De voorzitter van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn en de algemeen directeur worden gemachtigd de overeenkomst te ondertekenen.

Met 22 stemmen voor (Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Roger Heyvaert, Jozef Emmerechts, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Paul Van Doorslaer, Jorn Lathouwers, Dany Geysels, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt, Sofie Van Assche, Viviane Stevens, Peter Calluy en Caroline Aerts)

 

Publicatiedatum: 21/10/2026
Overzicht punten

Zitting 15 09 2026

Goedkeuring huurovereenkomst studio 13 Home J. Van Gysel

MOTIVERING

Feiten en context

Elke gemeente kreeg van de Vlaamse overheid een bindend sociaal objectief opgelegd, zodat het sociaal woonaanbod uitgebreid en geografisch gespreid zou worden.

De huurovereenkomst voor studio 13 van het Home Jan Van Gysel werd beëindigd ingevolge de beslissing van het Vast Bureau van 30 juni 2025. De sleutels van de studio werden teruggegeven door de bewoner op 10 maart 2026. Na het verlaten van de studio werd de woning opgeruimd en werd deze in orde gezet voor nieuwe verhuring.

Met het oog op de verwezenlijking van het bindend sociaal objectief, besliste de Raad voor Maatschappelijk Welzijn op 17 juli 2023 om de verhuring van de studio's bij volgende verhuringen toe te vertrouwen aan de woonmaatschappij.

Er werd een ontwerphuurovereenkomst opgemaakt door bv Het Vlaams Woonanker.

Juridische gronden

Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder de artikelen 77 en 78 betreffende de bevoegdheden van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn.

Vlaamse Codex Wonen van 2021, boek 2, deel 3, titel 3.

Besluit Vlaamse Codex Wonen 2021, boek 2, deel 3, titel 2.

Besluit Raad voor Maatschappelijk Welzijn van 17 juli 2023 houdende opheffing reglement houdende de vaststelling van de inschrijvingsvoorwaarden en de toewijzing bij de verhuring van studio's Home Jan Van Gysel, Krogstraat 111, 1860 Meise en goedkeuring huurovereenkomst studio 5 Home J. Van Gysel.

Advies/argumentatie

Opdat een verhuring aan het sociaal verhuurkantoor in aanmerking kan komen voor het sociaal bindend objectief dient de wooneenheid voor minstens 9 jaar in verhuring gegeven te worden aan het sociaal verhuurkantoor. De ontwerphuurovereenkomst bepaalt dan ook een duurtijd van 9 jaar. De huurovereenkomst is ingegaan op 1 juli 2026. Een gelijkaardige huurovereenkomst werd reeds gesloten voor de verhuring van de studio's 5, 6 en 15.

De voorwaarden van de voorgestelde huurovereenkomsten stemmen, met uitzondering van de huurprijs (cfr. infra financiële gevolgen) overeen met de voorwaarden opgenomen in de huurovereenkomsten die het OCMW Meise heeft aangegaan met de particuliere huurders. (vb. Verplicht te respecteren huishoudelijk reglement van het home). Derhalve worden aan alle bewoners van het home dezelfde rechten toegekend en dezelfde verplichtingen opgelegd.

Financiële gevolgen

Na de renovatie van de studio's werd de huurprijs van de studio's vastgelegd op 350 euro voor de studio's op de eerste verdieping en 450 euro voor de studio's op het gelijkvloers.

In het verleden werd bij de bepaling van de huurprijs rekening gehouden met het feit dat de huurprijs die door het sociaal verhuurkantoor wordt aangerekend aan de onderhuurder 5% hoger ligt dan de huurprijs die het OCMW ontvangt. Vanaf januari 2027 zal de huurprijs die de woonmaatschappij zal aanrekenen voor de ingehuurde woningen, net zoals bij de eigen sociale woningen, aangepast worden aan het inkomen en wordt er niet langer een vaste huurprijs toegepast. De overeengekomen huurprijs aan de gemeente zal wel van toepassing blijven.

Bij de verhuring van studio 5 werd door de Raad voor Maatschappelijk Welzijn op 16 oktober 2023 gekozen voor het principe dat het OCMW voor alle studio's dezelfde huurprijs zou ontvangen. Derhalve werd in de huurovereenkomst met de woonmaatschappij een basishuurprijs van 450 euro opgenomen. Dezelfde huurprijs werd goedgekeurd voor studio 4 op het gelijkvloers (beslissing van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van 21 oktober 2024) en studio 6 op het gelijkvloers (beslissing van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van 21 oktober 2025). Voor de huur van studio 15 (studio op eerste verdieping) bepaalde de Raad voor Maatschappelijk Welzijn in zitting van 21 oktober 2024 de huurprijs op 355 euro (thans geïndexeerd: 362,48 euro).

De aangerekende geïndexeerde huurprijs voor de studio's op de verdieping die door het OCMW rechtstreeks verhuurd worden, bedraagt momenteel tussen de 365,98 en 374,85 euro.

In de ontwerphuurovereenkomst overgemaakt door bv Het Vlaams Woonanker werd een huurprijs van 450 euro per maand opgenomen.

De huurontvangsten zijn voorzien in het budget 2026 (en volgende jaren) onder budgetsleutel 705200030/09301.

Budgetsleutel

Actie

Initieel budget

Beschikbaar budget

OC/2026/AR/70500030/09301

Opbrengsten uit verhuur woningen en flats

€ 81.005

€ 15.932,07 06/07/2026

BESLUIT

Artikel 1

De maandelijkse basishuurprijs voor studio 13 van het Home Jan Van Gysel met Het Vlaamse Woonanker bv wordt bepaald op 375 euro.

Artikel 2

De Raad voor Maatschappelijk Welzijn keurt de huurovereenkomst met de in artikel 1 bepaalde huurprijs goed en machtigt de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en algemeen directeur deze huurovereenkomst te ondertekenen.

Met 22 stemmen voor (Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Roger Heyvaert, Jozef Emmerechts, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Paul Van Doorslaer, Jorn Lathouwers, Dany Geysels, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt, Sofie Van Assche, Viviane Stevens, Peter Calluy en Caroline Aerts)

 

Publicatiedatum: 21/10/2026
Overzicht punten

Zitting 15 09 2026

Opheffen toelagereglement dienst maaltijden aan huis

MOTIVERING

Feiten en context

Op het vast bureau van 9 maart 2026 is er beslist om geen nieuwe samenwerking aan te gaan met een traiteur voor de dienst maaltijden aan huis en de dienstverlening stop te zetten.

Sinds de overstap naar een externe cateraar in juli 2022 is er een daling van het aantal maaltijden vastgesteld en momenteel zijn er voldoende externe partners actief in onze gemeente die maaltijden aan huis aanbieden.

Bijgevolg werd in de raad voor maatschappelijk welzijn van 19 mei 2026 beslist om het huishoudelijk reglement dienst maaltijden aan huis vanaf 1 juli 2026 op te heffen. Daaruit volgt dat ook het toelagereglement sociaal tarief bij maaltijden aan huis in de praktijk niet meer van toepassing is.

Het toelagereglement is bijgevoegd in bijlage.

Juridische gronden

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 84 betreffende de bevoegdheden van het vast bureau.

Het woonzorgdecreet van 15 februari 2019: Het lokaal dienstencentrum is een woonzorgvoorziening die in een buurt een verbindende, preventieve en laagdrempelige werking ontwikkelt in en met de nabije omgeving van de gebruiker. Om bij te dragen tot het ontwikkelen en uitvoeren van het lokaal sociaal beleid, als onderdeel van het meerjarenplan van het lokaal bestuur, dient het lokaal dienstencentrum hiervoor, in overleg en in samenwerking met lokaal actieve verenigingen en organisaties, laagdrempelige en toegankelijke activiteiten te organiseren.

Het toelagereglement sociaal tarief bij maaltijden aan huis vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn in de zitting van 16 september 2026 en gepubliceerd op de website op 22 september 2025.

De beslissing van de raad voor maatschappelijk welzijn d.d. 19 mei 2026 houdende "Opheffen huishoudelijk reglement dienst maaltijden aan huis".

Advies/argumentatie

De maatschappelijk werker thuiszorgdiensten stelt voor om het toelagereglement sociaal tarief bij maaltijden aan huis op te heffen aangezien het reglement in de praktijk niet meer van toepassing is.

Op het vast bureau van 9 maart 2026 is er beslist om geen nieuwe samenwerking met een traiteur aan te gaan en de dienstverlening maaltijden aan huis stop te zetten. In lijn van deze beslissing werd er op de raad voor maatschappelijk welzijn van 19 mei 2026 beslist om het huishoudelijk reglement dienst maaltijden aan huis vanaf 1 juli 2026 op te heffen.

Het opheffen van het toelagereglement draagt bij aan een transparante en actuele beleidsvoering, afgestemd op de praktijk.

Financiële gevolgen

Geen financiële gevolgen.

BESLUIT

Enig artikel

Het toelagereglement "sociaal tarief bij maaltijden aan huis" zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn in de zitting van 16 september 2025 op te heffen aangezien het reglement in de praktijk niet meer toepasbaar is.

Met 20 stemmen voor (Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Roger Heyvaert, Jozef Emmerechts, Roel Anciaux, Paul Van Doorslaer, Jorn Lathouwers, Dany Geysels, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt, Viviane Stevens, Peter Calluy en Caroline Aerts), 2 onthoudingen (Thomas Goethals en Sofie Van Assche)

 

Publicatiedatum: 21/10/2026
Overzicht punten

Zitting 15 09 2026

Wijzigingen aan overeenkomst voor opname tussen de bewoner en serviceflat Ter Wolven - goedkeuring

MOTIVERING

Feiten en context

Bewoners die een serviceflat in de serviceflats Ter Wolven betrekken, of hun vertegenwoordigers, dienen een schriftelijke opnameovereenkomst te ondertekenen. De bepalingen die in deze opnameovereenkomst moeten worden opgenomen, zijn wettelijk vastgelegd in de toepasselijke regelgeving voor serviceflatgebouwen en groepen van assistentiewoningen.

Verschillende bepalingen die moeten worden opgenomen in de opnameovereenkomst zijn decretaal vastgelegd in het woonzorgdecreet. In het woonzorgdecreet zijn een aantal bepalingen gewijzigd die een impact hebben op de schriftelijke opnameovereenkomst.

In essentie worden volgende wijzigingen geïmplementeerd:

- Het erkenningsnummer van de serviceflats Ter Wolven wordt toegevoegd.

- Er wordt toegevoegd dat de bewoner of zijn vertegenwoordiger verklaren dat zij de correcte informatie verschaffen aan de vertegenwoordiger van de serviceflats.

- Het feit dat er een vliegenraam voor de slaapkamer van de flat beschikbaar is, wordt toegevoegd.

- De wijze waarop de dagprijs wordt geïndexeerd, wordt aangepast aan de recentste regelgeving.

- Er wordt toegevoegd dat de kosten voor het onderhoud van de boiler en de ventilatie niet inbegrepen zijn in de dagprijs.

- De regeling bij overlijden van de bewoner werd aangepast aan de recentste regelgeving. De termijn waarover de nabestaanden beschikken om de flat te ontruimen, bedraagt wettelijk vijf dagen in plaats van vijf werkdagen. In onderling overleg kan deze termijn verlengd worden. 

- De regeling bij opzegging door de bewoner werd aangepast. Zo dient het aangetekend schrijven gericht te worden aan het vast bureau. Daarnaast wordt er ook toegevoegd in welke gevallen er wel of geen opzeggingsvergoeding of verbrekingsvergoeding gevraagd kan worden.

- Er wordt toegevoegd welke opzeggingstermijnen gehanteerd worden bij een sluiting van de serviceflats opgelegd door de overheid of bij een vrijwillige stopzetting van de activiteiten van de serviceflats.

- In de opnameovereenkomst wordt er toegevoegd dat er crisiszorg en overbruggingszorg wordt gegarandeerd.

- Verder wordt er toegevoegd dat wijzigingen van de interne afsprakennota vooraf worden meegedeeld en op zijn vroegst toegepast worden dertig dagen na de kennisgeving ervan aan de bewoner.

- Tot slot worden er extra bepalingen toegevoegd aan het artikel omtrent bewaargeving, beheer van gelden en goederen, aansprakelijkheid en verzekeringen.

Zowel de rood-groenversie als de gecoördineerde versie van de opnameovereenkomst zijn bijgevoegd in bijlage.

Juridische gronden

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 84 betreffende de bevoegdheden van het vast bureau.

Het woonzorgdecreet van 15 februari 2019, bijlage 10 "Groepen van assistentiewoningen".

Het besluit van de Vlaamse regering van 17 juli 1985 tot vaststelling van de normen waaraan een serviceflatgebouw, een woningcomplex met dienstverlening moet voldoen om voor erkenning in aanmerking te komen.

Advies/argumentatie

Gunstig advies om de bepalingen van de schriftelijke opnameovereenkomst aan te passen aan de bepalingen van het woonzorgdecreet.

BESLUIT

Enig artikel

De schriftelijke opnameovereenkomst van de serviceflats Ter Wolven wordt gewijzigd zoals aangeduid in de bijgevoegde bijlage 'rood-groenversie', waarbij de rode en doorhaalde tekst geschrapt wordt en de groene tekst toegevoegd wordt.

Met 22 stemmen voor (Ella De Neve, Jonathan De Valck, Tom Heyvaert, Wim Verbeke, Marie Behaeghe, Diana Tierens, Roger Heyvaert, Jozef Emmerechts, Roel Anciaux, Thomas Goethals, Paul Van Doorslaer, Jorn Lathouwers, Dany Geysels, Ilse Spooren, Frédéric Maes, Sonja Maes, Rathi Goovaerts, Ingrid De Bondt, Sofie Van Assche, Viviane Stevens, Peter Calluy en Caroline Aerts)

 

Publicatiedatum: 21/10/2026
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.